Zoek een game: |
Feestnummer |
|
Meneertje Fanatiek Het was december 2006 dat Jan voor het eerst hoorde van de revolutie binnen het gamen. Een fanatieke gamer uit zijn klas vertelde hem erover en raakte er niet over uitgepraat. Maar Jan zou er geen seconde aan verkwisten. Die paarse kubus vond‘ie maar niks, dus deze zou ook wel niets worden. Hij was bovendien bijna 18 en veel te oud om zich te gaan verdiepen in deze troep. Maar meneertje Fanatiek uit zijn klas bleef er maar over praten: ‘Als je slaat met je afstandsbediening doet jouw ventje dat ook op de tv!’. Dat leek Jan toch best wel cool en hij besloot het dan ook maar eens te proberen. Zo gezegd, zo gedaan. Een week later stond Jan bij meneertje Fanatiek met ‘de afstandsbediening’ te zwiepen en te zwaaien. Hij kwam tot de conclusie dat het eigenlijk toch een heel leuk apparaatje is. ‘Oké, je staat voor lul’, dacht Jan bij zichzelf, ‘maar met zo’n‘ding’ haal je wel een enorm feestnummer in huis’. Het ‘ding’ Na een paar weken besloot Jan om zichzelf op de wachtlijst voor ‘zo’n ding’ te zetten, hij was tenslotte bijna jarig. Na een week werd Jan gebeld dat hij zijn toestel op kon halen. Voor hij goed en wel het ding had aangesloten, sloeg hij als een ware Roddick ace na ace op de tennisbaan, vroeg Jan zich af waarom Tiger Woods zoveel geld verdiende met een spelletje waarin hij eigenlijk de koning is en kon homerunexpert Mark McGwire zijn knuppel aan de wilgen hangen, want hij voelde dat hij zo maar eens de nieuwe honkballegende kon worden. Een paar maanden ging voorbij en Jan was inmiddels jarig geweest. Een verjaardagsfeest was dus op zijn plaats. Ook had Jan een nieuw spel voor zijn ‘ding’ gekocht, een of ander spel met minigames, deeltje zoveel. Het zou een hit worden, beredeneerde Jan. Met al die gekke spelletjes moest zijn feestje wel hét feest van het jaar worden. Het enige dat nog ontbrak waren de extra ‘aanwijsdingen’, zodat je met z’n vieren tegelijk gek kon doen. Dus toen Jan inkopen ging doen voor zijn feestje, ging hij ook nog even langs de plaatselijke spellenboer en vroeg hij om 3 van ‘die afstandsbedieningen’. Toen de verkoper hem een tijdje glazig aan stond te kijken, begon Jan uitvoerig te beschrijven wat hij nou echt bedoelde. Aan het einde van zijn betoog begon het bij de medewerker te dagen bij. Met zijn nieuwe aankopen op zak ging hij als een kind zo blij naar huis en wat hem betreft kon het feest beginnen. Natuurlijk mocht ook het vocht des levens niet ontbreken dus ging hij nog even langs de bottelier om de juiste versnaperingen in te slaan. Toen de avond goed en wel op gang was gekomen begon Jan subtiel naar zijn gasten te hinten over zijn ‘ding’ en of ze het misschien een keer wilden proberen. De heren moesten lachen en bedankten vriendelijk, maar de dames hapten, tot Jans verbazing, toe en wilden het graag proberen. De dames gierden en brulden van plezier waardoor de heren het ook wel eens wilden proberen. En verrek, ook bij hen sloeg het aan. Na een aantal uren maakte Jan de balans op: het bier vloeide rijkelijk, er werd gepraat over van alles en er werd vooral erg veel gelachen. Kortom, een geslaagd feestje. Toen de gasten vertrokken, vroegen velen of ze dit feestje nog eens dunnetjes over konden doen en dat leek Jan ook wel een goed plan. In de weken die volgden vroeg Jan zich toch af of er niet iets uitdagender was dan al die leuke zwiep- en zwaaispelletjes. Na wat rondvragen bij verschillende wat meer ervaren gamers kwam hij bij een of andere kerel in een groene maillot uit. Hij hoorde dat het één van de beste games ooit was, dat moest dus wel wat zijn. Even op en neer naar de winkel en hij kon weer aan de slag. Vele speelsessies later kwam Jan tot de pijnlijke conclusie dat de gloriemomenten die hij zocht niet gevonden werden. Wat hij wel beleefde? Veel frustraties. Het was eerder regel dan uitzondering dat hij niet wist waar hij heen moest. Zodoende zat hij vaker te zoeken naar de juiste cheats en walkthroughs, dan dat hij het meesterzwaard hanteerde. Na het een aantal speelsessies met die maillotdrager voelde Jan wel weer wat voor een feestje. Misschien was dat wel hetgeen dat zijn liefde voor zíjn ‘ding’ weer zou aanwakkeren. De vorige keer was het geweldig, dus wat zou een tweede succes in de weg staan? Hij schreef een e-mail, las hem nog een paar keer door om er zeker van te zijn, dat hij niet als een nerd zou worden gezien en besloot hem te versturen. Eenmaal op de dag des oordeels, toen de avond plaats maakte voor de nacht, was het tijd om terug te blikken. Bier, check. Chips, check. Geslaagd feestje, helaas. Hij voelde het simpelweg niet meer. De magie was verdwenen. Al zijn vrienden hadden weer de tijd van hun leven gehad, maar Jan niet. Henk Op de dagen die volgden was Jan het helemaal zat. Hij had het wel een beetje gezien met die spelcomputer. Hij versloeg zelfs de moeilijkste computertegenstanders met gemak en ook de nieuwigheid was eraf. Na een tijdje brainstormen dienden zich twee opties aan. Optie 1 was duidelijk: stofhappen. De spellen die hij had interesseerde hem niet meer. Zelfs van die gast in dat groene jurkje moest hij niets meer hebben.‘Als zelfs één van de beste spellen mij niet kan bekoren, wat moet ik dan nog met dat ding?’, dacht Jan bij zichzelf. Zo kwam hij eigenlijk automatisch bij optie 2: te koop aanbieden. Zijn ding was in de meeste winkels nauwelijks op voorraad, dus hij kon er vast nog wel wat voor vangen. Een aantal dagen ging voorbij en er werden door potentiële kopers verschillende boden gedaan. Na een tijdje wachten was het ene Henk die de dikste beurs bleek te hebben en zodoende ‘zijn ding’ kon komen ophalen. Jan vroeg aan Henk waarom die hij zo graag zo’n ding wilde hebben, waarop Henk antwoordde: ‘Nou’, zei Henk, ‘Ik wil binnenkort een feestje geven en ik heb gehoord dat die Wii toch wel een feestnummer was’… |
| Door: Robert de Best aka Robert® |
|
